|
Hof van Justitie EU vindt beperkte werking fiscale-eenheidsregime gerechtvaardigd |
|
|
|
vrijdag 26 februari 2010 |
|
Het Europese Hof van Justitie ("HvJ EU") heeft uitspraak gedaan in een voor de praktijk belangwekkende zaak, waarin het Nederlandse fiscale-eenheidsregime centraal stond. Op grond van dit regime kunnen Nederlandse vennootschappen een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting vormen. Buitenlandse vennootschappen met een filiaal in Nederland kunnen ook deel uitmaken van een fiscale eenheid, maar buitenlandse vennootschappen zonder zo'n (vaste inrichting) in Nederland niet. Deze beperkte werking was voor de Hoge Raad in 2008 aanleiding om bij het HvJ EU een zogenoemde prejudiciële vraag te stellen over de verenigbaarheid van het fiscale-eenheidsregime met Europees recht, in het bijzonder met de vrijheid van vestiging. Het HvJ EU oordeelde dat de beperkte werking wordt gerechtvaardigd vanwege de noodzaak om de verdeling van heffingsbevoegdheid tussen de verschillende lidstaten van de EU te handhaven. Nederland mag een buitenlandse dochtervennootschap die beschikt over een filiaal in Nederland, een andere fiscale behandeling geven dan een buitenlandse dochtervennootschap zonder een filiaal in Nederland. Als een grensoverschrijdende fiscale eenheid met een buitenlandse dochtervennootschap zonder filiaal in Nederland zou worden toegestaan, zouden moedervennootschappen volgens het HvJ EU vrijelijk kunnen kiezen in welke lidstaat zij de verliezen van hun buitenlandse dochtervennootschap in mindering brengen. (PWC)
|